Leven van de kunst.
Voor iedereen die er een romantisch beeld bij heeft, ik help jullie uit de droom: het is alles behalve! Naast dat het gewoon heel hard werken is, is het ook confronterend, persoonlijk en ongrijpbaar ingewikkeld.
Natuurlijk kun je zeggen dat de uitingen van een kunstenaar onontkoombaar noodzakelijk zijn voor de persoon in kwestie; dat het-van-zelf-gaat, dat ie niet-anders-kan. Maar ook dat is maar ten dele waar. In ieder geval waar het deze Mus betreft, want er is namelijk ook nog zoiets als: er-moet-geld-verdiend-worden-want-de-hypotheek-moet-betaald en de kinderen-willen-eten (en meer nog dan dat).
In dit “block” bevind ik mij.
Ik raak helemaal geblokkeerd wanneer het gaat over: geld verdienen als de schilderijen niet meer als vanzelf de deur uit lijken te vliegen (wat meestal het geval was, maar nu de recessie maar blijft aanhouden niet meer zo gemakkelijk gaat).
Ik vrees de comfort-zone, ben bang mezelf te herhalen, waak voor het bedachte, het gemaakte.
Dus….: alles moet weer anders, nieuwer, oorspronkelijker.
Commercieel denken is uit den boze voor dit soort creatieve processen.
Er is de vakantie om de blik te verruimen; de tijd voor stille en (hopelijk op komst zijnde) nieuwe inzichten. Ik worstel mij door biografieën van Dali, Brood, Kahlo, Chagall en Lucebert, op zoek naar…ik weet het niet.
Ik train mijzelf in het “realistisch” natekenen van portretten, ik ga aan de slag met inkt, ecoline, krijt, stift om los te komen van het vertrouwde acryl. Ik maak lange wandelingen en probeer niet ieder minuutje van mijn tijd “efficiënt” op te vullen.
Ik zit in een impasse.
Ik denk, ik zit in een impasse.
Ik schilder.
Ik schilder de impasse.
Ik weet niet of ik beter schilder of anders of interessanter, maar mijn god, wat is het fijn om te schilderen als er geen belangen aan kleven, geen oordelen, geen prijskaartjes en zeker geen rekeningen die betaald moeten worden.
Ik doe of ik rijk ben en schilder de wereld voor mijzelf.
Leven van de kunst
16 augustus 2011